Er zit een klein gevaar aan jarenlang voor MANIFY op pad mogen gaan: op een gegeven moment raak je verwend. We rijden met auto’s waar we vroeger posters van boven ons bed hadden hangen, reizen naar plekken die bij menig ander hoog op de bucketlist staan en krijgen zo nu en dan toegang tot werelden waar je normaal gesproken alleen vanaf de andere kant van een hek naar kunt kijken.
Dat klinkt misschien behoorlijk decadent, en dat is het eerlijk gezegd soms ook. Maar het zorgt er tegelijkertijd voor dat de lat steeds een stukje hoger komt te liggen. Want hoe raak je nog écht onder de indruk wanneer je inmiddels behoorlijk wat hebt gezien? Gelukkig zijn er partners die ons er zo nu en dan fijntjes aan herinneren dat er altijd nog een overtreffende trap bestaat. Vorig jaar deed MSC Cruises dat al tijdens de Formula 1 Dutch Grand Prix. Dit jaar werden we opnieuw uitgenodigd door MSC en dachten we ongeveer te weten wat ons te wachten stond. Spoiler: dat wisten we dus niet.
Terug naar Zandvoort
Een jaar geleden mochten we op uitnodiging van MSC Cruises voor het eerst ervaren hoe een Formule 1-weekend eruitziet wanneer je niet alleen een kaartje voor de race hebt, maar toegang krijgt tot de wereld erachter. De Formula 1 Paddock Club, de pitstraat, een bezoek aan de garage van Alpine en vooral heel veel momenten waarop je jezelf even moet herinneren dat dit daadwerkelijk je werk is. Het leverde een ervaring op waarvan we destijds al concludeerden dat Formule 1 kijken hier een compleet andere betekenis krijgt.
Toen dit jaar opnieuw de uitnodiging binnenkwam, hoefden we dan ook niet lang na te denken. Toch is een tweede keer anders. Bij de eerste keer weet je totaal niet wat je te wachten staat. Iedere deur die opengaat is nieuw en iedere volgende stap brengt je dichter bij een wereld die je tot dan toe vooral van televisie kent. Een jaar later weet je inmiddels wat een Paddock Club is, heb je al eens door een operationele Formule 1-garage gelopen en weet je hoe het voelt om letterlijk boven de pitstraat naar een Grand Prix te kijken. Je zou dus kunnen denken dat de magie er een klein beetje vanaf gaat. Dat idee hield ongeveer stand totdat we Circuit Zandvoort binnenliepen.
Want Formule 1 laat zich eigenlijk helemaal niet normaliseren. De helikopters boven het circuit, de enorme hoeveelheid mensen die achter de schermen rondloopt, het geluid dat tussen de duinen blijft hangen en natuurlijk de tienduizenden Nederlandse fans die Zandvoort ieder jaar veranderen in een oranje gekkenhuis. Alles aan een Grand Prix-weekend voelt groot. En hoe vaker je achter de schermen komt, hoe meer je eigenlijk begint te begrijpen hóé groot.
Hospitality op het allerhoogste niveau
Onze uitvalsbasis voor de dag was opnieuw de Formula 1 Paddock Club. Wie bij hospitality vooral denkt aan een VIP-bandje, een buffet en een iets betere stoel dan de rest, moet zijn referentiekader hier behoorlijk bijstellen. Dit is niet simpelweg een luxere manier om naar een sportwedstrijd te kijken. De Paddock Club is bijna een evenement binnen het evenement.
Je bevindt je letterlijk boven de pitstraat en kijkt uit over start-finish, terwijl beneden de teams bezig zijn met een van de meest complexe sportoperaties ter wereld. Binnen wordt ondertussen alles uit de kast getrokken om ervoor te zorgen dat je eigenlijk nergens meer over hoeft na te denken. Het eten bevindt zich op sterrenchefniveau, drank wordt gedurende de hele dag aangevuld en ergens ontstaat het vermoeden dat de medewerkers precies weten wanneer je glas leeg is voordat je dat zelf doorhebt. Loop je even naar binnen, dan hangen overal schermen waarop de race, timing en actie te volgen zijn. Sta je buiten, dan ligt het circuit letterlijk voor je neus. Je hoeft eigenlijk geen keuze te maken tussen hospitality en sport, want beide gebeuren tegelijkertijd.

En precies daarin zit wat ons betreft de kracht van de Paddock Club. Je krijgt niet alleen een van de meest luxe hospitalityervaringen die we tot nu toe hebben meegemaakt, het is tegelijkertijd misschien wel de ultieme manier om een Formule 1-race te volgen. De beste uitzichten, continu toegang tot livebeelden en timing en ondertussen gebeurt onder je alles waarvoor je gekomen bent. Een pitstop zie je eerst op het asfalt en een fractie later vanuit een andere hoek op het scherm achter je. Er is simpelweg geen moment waarop je het gevoel hebt iets te missen.
Het meest bizarre is misschien nog wel dat dit hele circus niet speciaal voor Zandvoort wordt opgebouwd. We spraken gedurende de dag verschillende mensen die met de Formule 1 meereizen en deze operatie Grand Prix na Grand Prix opnieuw uitvoeren. Vierentwintig keer per jaar trekt het circus van circuit naar circuit, van land naar land en van continent naar continent. Andere omstandigheden, andere gasten, ander circuit, maar steeds opnieuw moet diezelfde standaard worden neergezet. Voor ons is het een uitzonderlijke dag. Voor de mensen die er werken is het hun wereldwijde werkweek.
Dat besef maakt de schaal waarop dit gebeurt bijna net zo indrukwekkend als de race zelf. Terwijl wij ’s avonds vol verhalen weer richting huis gaan, wordt er achter de schermen alweer gedacht aan de volgende bestemming. Alles moet daar opnieuw staan, opnieuw werken en opnieuw moeiteloos voelen. Hospitality op dit niveau is uiteindelijk misschien wel een vorm van topsport op zichzelf.
Even buurten bij Alpine
Toch kun je ons blijkbaar zelfs vanuit een Paddock Club nog ergens mee weg lokken. Zet ergens een operationele Formule 1-auto neer en we zijn vrij snel verdwenen.
Dankzij MSC Cruises kregen we opnieuw de mogelijkheid om een kijkje te nemen in de garage van Alpine. En hoeveel auto’s we voor MANIFY inmiddels ook van dichtbij hebben gezien, een actuele Formule 1-auto blijft een categorie apart. Op televisie zie je vooral een razendsnelle machine. Van dichtbij zie je pas hoe absurd verfijnd zo’n auto daadwerkelijk is. Ieder oppervlak, ieder vleugeltje en iedere opening lijkt maar één doel te hebben: ergens nog een fractie van een seconde vinden. Het vreemde is tegelijkertijd hoe normaal iedereen van het team om zo’n auto heen beweegt. Wij staan ieder stukje carbon te bestuderen alsof we zojuist een verloren werk van Michelangelo hebben gevonden, terwijl de engineers en monteurs eromheen lopen alsof er een Volkswagen Golf op de brug staat.
Dit weekend leverde dat bovendien een interessant detail op. De auto van Pierre Gasly was namelijk voorzien van wat in Formule 1-termen simpelweg een ‘update’ wordt genoemd. Dat klinkt ongeveer alsof er een nieuwe softwareversie is geïnstalleerd, maar in werkelijkheid kunnen subtiele aerodynamische wijzigingen uiteindelijk het verschil maken tussen kostbare honderdsten of zelfs tienden van een seconde. Vanaf de tribune of zelfs op televisie zouden we het verschil waarschijnlijk nooit hebben gezien. Maar nu beide auto’s letterlijk naast elkaar in de garage stonden, werd ineens heel duidelijk waar er aan Gasly’s auto was gesleuteld. Nok ons begon natuurlijk onmiddellijk het betere zoek-de-verschillen.
We hebben het voor de zekerheid uitgebreid gecontroleerd. Nog een keer kijken. Andere hoek. Foto erbij. Terug naar de andere auto. Ja hoor: duidelijk anders. Even aanraken om onze uiterst wetenschappelijke analyse compleet te maken zat er overigens niet in. Naast de auto’s staat namelijk een zogenaamde scrutineer. Officieel om erop toe te zien dat alles volgens de regels verloopt en dat er vooral niemand aan dingen komt waar hij niet aan hoort te komen. In ons geval vooral een soort menselijke bewegingssensor met de blik van een slechtvalk. Waar we ook gingen staan, twee ogen gingen mee. Eén stap richting de auto en je voelde ze al in je rug branden. We hebben daarom besloten dat kijken voor deze journalistieke analyse voldoende bewijs was. Onze vingers bleven keurig thuis.
Juist zo’n klein detail maakt een bezoek aan de garage interessant. Tijdens een raceweekend horen we continu termen als ‘updates’, ‘nieuw pakket’ en ‘aerodynamische wijzigingen’. Vervolgens verschijnt er een auto op televisie die voor het ongetrainde oog nog precies dezelfde Formule 1-auto lijkt als een week eerder. Pas wanneer twee exemplaren letterlijk naast elkaar staan, zie je hoe concreet die ontwikkeling is. Er wordt gedurende een seizoen continu aan deze machines geschaafd en soms is het verschil maar een paar centimeter carbon. In een sport waarin honderdsten van seconden tellen, kunnen juist die paar centimeter een wereld van verschil maken. En juist toen we dachten dat het bezoek aan de garage zelf alweer bijzonder genoeg was, werd het ineens nóg interessanter.
Pitstoptraining vanaf de eerste rij
De pitcrew begon te oefenen. En niet ergens aan de andere kant van de pitstraat terwijl wij achter een raam stonden. We stonden er letterlijk met onze neus bovenop. Voor ons de daadwerkelijke auto’s waarmee dat weekend werd gereden, daaromheen de monteurs die een paar uur later onder volledige racedruk exact hetzelfde kunstje moesten uitvoeren.
Een pitstop is op televisie bijna iets vanzelfsprekends geworden. Auto komt binnen, vier banden gaan eraf, vier nieuwe erop en een paar tellen later rijdt hij alweer weg. Als het goed gaat, heb je nauwelijks tijd om te beseffen wat er gebeurt. Wanneer je er een paar meter vanaf staat, wordt het niet bepaald makkelijker om te volgen. Integendeel. Alles gebeurt zó snel dat je ogen simpelweg te traag zijn om alle afzonderlijke handelingen te registreren.
Eén detail viel ons daarbij in het bijzonder op. De monteurs beginnen de banden namelijk al los te halen voordat de auto volledig van de grond is. Voor je gevoel kan dat bijna niet. Eerst auto omhoog, dan wiel eraf, nieuw wiel erop en weer naar beneden. Toch? Niet in Formule 1. Hier overlappen de handelingen elkaar tot op het uiterste. De auto komt binnen, de krikken bewegen, de wheelguns ratelen en terwijl de auto nog omhoogkomt, is het wiel al onderweg naar buiten.
We vertrouwden onze eigen ogen aanvankelijk niet helemaal en deden dus wat je als MANIFY-redactie op zo’n moment hoort te doen: de camera erbij pakken. Een slowmotion-opname later stonden we met z’n allen naar het schermpje te kijken. En toen vielen onze monden pas echt open. Beeldje voor beeldje zie je hoeveel er binnen die paar seconden tegelijkertijd gebeurt. De auto is nog bezig met omhoogkomen terwijl de band al loskomt. Het nieuwe wiel staat op dat moment praktisch klaar om zijn plek over te nemen. Geen seconde wordt hier in stappen opgedeeld wanneer twee handelingen ook tegelijkertijd kunnen plaatsvinden.
En wij waren niet de enigen die naar slowmotionbeelden stonden te kijken.
Direct na een oefenstop verdwijnt de crew namelijk weer de garage in om de eigen beelden terug te kijken. Bewegingen worden geanalyseerd, timing wordt bekeken en vrijwel direct daarna gaan ze weer naar buiten om het opnieuw te proberen. En opnieuw. En opnieuw. Niet omdat deze mensen nog moeten leren hoe een pitstop werkt, maar omdat een handeling die voor ons al nauwelijks menselijk snel lijkt voor hen nog altijd verbeterd kan worden.
Het geeft een bijna absurd inkijkje in hoe ver optimalisatie binnen Formule 1 gaat. Wij bekijken onze slowmotion omdat we simpelweg niet kunnen geloven wat we zojuist hebben gezien. Zij bekijken hun slowmotion om te ontdekken waar nog een fractie van een seconde te winnen valt.
En zelfs het gereedschap waarmee dat gebeurt is geen universeel setje dat bij de bouwmarkt uit het schap wordt getrokken. De tools van iedere pitcrew zijn volledig afgestemd op die specifieke auto. Van de wheelguns tot de krikken en andere hulpmiddelen: alles is ontwikkeld rondom de machine en de manier waarop het team zijn pitstops uitvoert. Zet je de crew bij een andere auto, dan neem je dus niet simpelweg dezelfde gereedschapskist mee. Zelfs hier wordt alles tot in detail geoptimaliseerd.
Dat is misschien wel het moment waarop je opnieuw beseft wat topsport op dit niveau daadwerkelijk betekent. Deze mensen behoren tot de absolute wereldtop in wat ze doen en trainen niet om iets onder de knie te krijgen, maar om iets wat al bijna perfect is nog dichter tegen perfectie aan te duwen. Een tiende van een seconde lijkt in het dagelijks leven volkomen irrelevant. In Formule 1 kan diezelfde tiende het verschil betekenen tussen vóór of achter een concurrent de baan op komen.
Wanneer je denkt dat je dat allemaal met het blote oog kunt volgen: vergeet het maar. Daar heb je blijkbaar zelfs op een paar meter afstand nog slowmotion voor nodig.
En dan moet er ook nog geracet worden
Uiteindelijk draait al die voorbereiding natuurlijk om één ding: de race. En Zandvoort blijft daarvoor een bijzondere plek. De tribunes kleuren oranje, vrijwel iedereen hoopt op hetzelfde resultaat en zodra Max Verstappen in beeld verschijnt, verandert het geluidsniveau rondom het circuit onmiddellijk. Helaas liep het dit jaar niet zoals het Nederlandse publiek had gehoopt. Verstappen viel uit en daarmee verdween een groot deel van de gehoopte Nederlandse climax uit de wedstrijd.
Gelukkig hadden wij inmiddels een tweede team om iets nadrukkelijker voor te juichen. Na letterlijk in de garage van Alpine te hebben gestaan en te hebben gezien hoeveel mensen daar bezig zijn om die auto’s zo snel mogelijk over het circuit te krijgen, kijk je automatisch anders naar de race. Een auto is ineens niet meer alleen een kleur op het scherm. Je hebt de mensen erachter gezien. Je hebt gezien hoe ze trainen. Je hebt naast de auto’s gestaan voordat ze de baan op gingen.
Het prima resultaat van Alpine zorgde daardoor alsnog voor genoeg reden om tevreden naar de timing te kijken. En ergens is dat precies wat toegang tot de achterkant van deze sport doet. Formule 1 wordt menselijker. De miljoenenbudgetten, gigantische motorhomes en hypermoderne techniek zijn indrukwekkend, maar uiteindelijk zijn het de mensen die continu proberen het verschil te maken.

De ultieme manier om Formule 1 te kijken
Natuurlijk is een reguliere tribune op Zandvoort fantastisch. Misschien zit je daar zelfs nog meer midden tussen de fans en beleef je het oranje feest op een compleet andere manier. Maar de combinatie die je in de Paddock Club krijgt, is nauwelijks te evenaren. Je hebt een fantastisch zicht op het circuit, staat boven de pitstraat, kunt de volledige wedstrijd via de schermen volgen, krijgt toegang tot delen van de Formule 1 die normaal gesloten blijven en wordt ondertussen de gehele dag op een niveau verzorgd dat je eerder bij een sterrenrestaurant dan bij een sportevenement verwacht.
Het is een beetje de first class van de autosport. Economy brengt je uiteindelijk naar dezelfde bestemming en je kunt daar een fantastische vlucht hebben. Alleen moet je misschien niet eerst even voorin hebben gezeten.
En daar zit meteen de grote kanttekening aan dit verhaal. Want voor dit niveau van exclusiviteit wordt uiteraard ook een prijs gevraagd die daarbij past. Een bezoek aan de Paddock Club is voor de meeste mensen geen kaartje dat je op vrijdagmiddag impulsief even bestelt omdat je zondag nog niets te doen hebt. Het is een ervaring in de absolute top van de Formule 1-hospitality en wordt ook als zodanig geprijsd.
Juist daarom realiseren we ons heel goed hoe uitzonderlijk het is dat we dit dankzij MSC Cruises opnieuw mochten meemaken.
MSC Cruises en de kunst van hospitality
En eigenlijk is het helemaal niet zo vreemd dat juist MSC Cruises hier zo prominent aanwezig is. Want hoe langer je in de Paddock Club rondloopt, hoe meer parallellen je ziet tussen deze wereld en die van een groot cruiseschip.
Een modern cruiseschip is namelijk net zo goed een gigantische logistieke machine. Duizenden gasten moeten eten, drinken, slapen en vermaakt worden terwijl het schip ondertussen van bestemming naar bestemming beweegt. Restaurants draaien, bars blijven gevuld, hutten worden verzorgd, entertainment begint op tijd en achter de schermen werken duizenden mensen om ervoor te zorgen dat jij daar als gast zo weinig mogelijk over hoeft na te denken.
En misschien is dat wel de hoogste vorm van hospitality: dat je niet ziet hoeveel moeite het kost.
In de Paddock Club gebeurt precies hetzelfde. Terwijl beneden honderden engineers, monteurs, officials en teamleden bezig zijn met de wedstrijd en achter de schermen een gigantische internationale organisatie draait, merk jij daar als gast nauwelijks iets van. Je glas wordt gevuld, het volgende gerecht verschijnt, de schermen staan aan en wanneer er ergens op het circuit iets gebeurt, kun je het volgen.
Dat maakt de link tussen MSC Cruises en Formula 1 voor ons veel interessanter dan simpelweg twee grote internationale merken die samenwerken. Beide opereren wereldwijd. Beide verplaatsen enorme aantallen mensen en materiaal van land naar land. Beide zijn afhankelijk van een bijna absurd niveau van logistiek en beide weten dat de gast uiteindelijk helemaal niets heeft aan hoe ingewikkeld jouw organisatie is.
En dan nu…. Tijd voor Champagne
Na sterrenchefwaardig eten, een dag in de Paddock Club, een bezoek aan Alpine, pitstoptraining op een paar meter afstand en uiteindelijk natuurlijk de Dutch Grand Prix zelf, vonden wij het eigenlijk wel een behoorlijk geslaagde zondag. MSC Cruises blijkbaar nog niet. Want na de race mochten we door richting de podiumceremonie.
En dan verandert je perspectief opnieuw compleet. Het podium kennen we allemaal. Je ziet het na iedere Grand Prix op televisie. De drie coureurs, de trofeeën, het volkslied en uiteindelijk de champagne. Het is een vast ritueel dat je na honderden races bijna automatisch bekijkt. Totdat je er ineens zelf naast staat.
De coureurs die je zojuist nog op volle snelheid over het circuit zag rijden, staan plotseling op aanraakafstand. Camera’s, teamleden, officials en gasten bewegen door elkaar en om je heen hoor je het publiek terwijl de ceremonie begint. Je staat zo dichtbij dat het grote televisiescherm dat ergens in de buurt hangt ineens volledig overbodig wordt. Dit is niet langer kijken naar de podiumceremonie. Je staat er middenin. En op dat soort momenten verdwijnt ieder idee dat je door dit werk misschien een beetje verwend bent geraakt vanzelf.
Alsof de situatie nog niet surrealistisch genoeg was, stond ook koning Willem-Alexander op een afstand waarop een knipoog ineens een volkomen realistische vorm van communicatie werd. Die kans laat je natuurlijk niet liggen. Er kwam zowaar eentje terug. We beschouwen onze journalistieke bijdrage aan de Nederlandse autosport daarmee voor het gemak maar als koninklijk erkend.
Conclusie: De overtreffende trap
De vraag is niet of je nog onder de indruk kunt raken wanneer je dit soort dingen vaker mag meemaken. Misschien zorgt het feit dat we voor MANIFY inmiddels zoveel bijzondere plekken hebben bezocht er juist voor dat we steeds beter herkennen wanneer iets écht uitzonderlijk is. Want er zit een verschil tussen luxe en beleving. Tussen een goede stoel en toegang. Tussen ergens aanwezig mogen zijn en daadwerkelijk even onderdeel worden van de wereld waar je normaal gesproken alleen naar kijkt.
Vorig jaar liepen we na onze eerste Dutch Grand Prix met MSC Cruises weg met het idee dat dit nauwelijks te overtreffen zou zijn. Dit jaar stonden we met onze neus bovenop de daadwerkelijke Formule 1-auto’s terwijl een pitcrew zijn stops oefende, konden we van dichtbij zien hoe een update op één auto ineens het verschil zichtbaar maakte, beleefden we de race vanuit een van de meest exclusieve hospitalityomgevingen binnen de sport en eindigden we uiteindelijk op een paar meter van de coureurs tijdens de podiumceremonie.
Misschien is dat uiteindelijk wel het mooiste aan dit werk. Dat hoe verwend we soms ook denken te zijn, er altijd weer een auto, bestemming, persoon, evenement of partner voorbij komt die je eraan herinnert waarom je hier ooit zo enthousiast van bent geworden. Dit weekend was dat de Formule 1.
MSC Cruises, wederom bedankt voor een ervaring die we niet snel gaan vergeten.




























